Oude verticale instituties lopen op hun laatste benen (zoals vakbonden, politieke partijen, omroepen, natuur & milieuorganisaties), terwijl nieuwe, horizontale verbanden (gemeenschappen, coöperaties, sociale en fysieke netwerken) voortdurend aan belang winnen. Op weg naar samenleving 3.0 verkeren we nu in een overgangsfase, die gepaard gaat met chaos, turbulentie en onzekerheid. Veel organisaties hebben belang bij het in stand houden van de bestaande orde, maar dat is slechts uitstel van executie. Een ongrijpbare vernieuwende dynamiek van onderop vormt langzaam maar onmiskenbaar een nieuwe macht.

De kantelfase waarin we nu zitten is lastig maar boeiend: de oude silo’s worden afgebroken en dat gaat gepaard met veel onrust: massale ontslagen in de thuiszorg, welzijnsorganisaties verdwijnen, bouwbedrijven saneren op grote schaal, energiebedrijven vallen om en financiële instellingen reorganiseren radicaal. 

Maatschappelijke stelsels als zorg, welzijn, onderwijs, energie, bouw en de financiële sector gaan op de schop en moeten worden vernieuwd. Gemeenschappelijke deler in al deze domeinen is dat de mens niet meer centraal staat, maar in dienst van de structuren. Hervorming van deze stelsels houdt in dat de mens weer centraal komt te staan en de structuren in dienst van de mens. Dat kost tijd en geduld. Zo wordt het zorgstelsel (zeker de care) langzaam maar zeker omgevormd tot een stelsel dat mensgericht is, een beroep doet op de eigen kracht en de eigen omgeving met samenredzaamheid als uitgangspunt. In zorg 3.0 staan menselijke waarden als aandacht, vertrouwen, ruimte, diversiteit en kwaliteit voorop.

De politiek worstelt met deze kantelperiode. Zij is ook bezig met hervormingen, van de arbeidsmarkt, woningmarkt, zorg en onderwijs. Dit zijn echter vooral aanpassingen van de bestaande systemen en geen radicale systeemvernieuwingen. Binnen de bestaande kaders wordt gezocht naar verbeteringen, maar wel met dezelfde spelers binnen dezelfde verhoudingen. Van een werkelijke machtswisseling is geen sprake. Zo is in de zorg sprake van een decentralisatie van taken, bevoegdheden en financiën, maar de crux is de noodzakelijke cultuuromslag en structuurverandering.

Het misverstand is derhalve dat de politiek binnen de kaders van de centrale & verticale samenleving (samenleving 2.0) bezig is met hervormingen (systeemaanpassingen), daar waar naar schatting enkele honderdduizenden mensen bezig zijn met het  vormgeven van een heel nieuw type samenleving (samenleving 3.0).

In 2014 zullen de spanningen toenemen tussen de ‘aanpassers’ en de ‘vernieuwers’. Dat zal steeds meer maatschappelijke onrust teweegbrengen. En hoe groter de onrust hoe verder we in de kantelfase geraken. Van transities uit het verleden weten we dat een kritische massa van ca. 20% van de bevolking nodig is om het systeem definitief en onomkeerbaar te laten kantelen. Dat betekent voor Nederland dat zo’n 2.5 miljoen volwassenen mee moeten kantelen om het omslagpunt te bereiken. Dat betekent pakweg een vertienvoudiging van het aantal Nederlanders dat betrokken is bij de kanteling. Een mooie opgave voor 2014!       

***********

Zie ook interview: 

http://youtu.be/NNdQSAfV5xg